Christine Goodwin t. Verenigd Koninkrijk-arrest


Onderwerpen ‐ Private life, margin of appreciation
Artikelen ‐ art. 8 EVRM

De feiten

De eiser, Christine Goodwin, geboren als man, is transseksueel en heeft in die hoedanigheid een geslachtsoperatie ondergaan, waarna ze volledig als vrouw door het leven gaat. Eiser had de Britse autoriteiten verzocht haar een nieuw persoonsnummer te geven, aangezien ze volgens haar oude nummer een man is, dit verzoek werd afgewezen. Eiseres kreeg ook bericht van de autoriteiten dat zij niet in aanmerking komt voor pensioen op haar 60e, de pensioensgerechtigde leeftijd voor vrouwen, maar door moet werken en contributie moet betalen tot zij de pensioensgerechtigde leeftijd voor mannen bereikt. Om te voorkomen dat haar werkgever erachter zou komen dat zij geboren was als man heeft zij verzocht om direct contributie af te staan en dat niet via haar belasting te regelen. Dit leidde tot omslachtige situaties die een grote impact hadden op het leven van eiser. Ze klaagt bij het Hof over schending van artikel 8 van het EVRM.

Rechtsvraag

Is het recht op respect voor het privéleven van Christine Goodwin geschonden door de houding van de Britse autoriteiten?

Overweging

In eerdere uitspraken over het wijzigen van persoonsnummers als gevolg van geslachtsverandering had het Hof geoordeeld dat dit niet viel binnen het recht op privéleven. Hoewel het Hof niet verplicht is om eerdere uitspraken te volgen, is dit wel gewenst met het oog op de rechtseenheid en rechtszekerheid.

Echter, bij het toepassen van het Verdrag moet rekening gehouden worden met veranderende omstandigheden binnen de verdragsstaten. Het is van belang dat het Verdrag geïnterpreteerd wordt op een manier die de rechten daarin neergelegd effectief en praktisch maakt, niet enkel technisch en denkbeeldig. Wanneer het Hof geen gebruik maakt van dynamische interpretatie bestaat het risico dat aan vooruitgang en verbetering in de weg gestaan wordt. Het Hof heeft verschillende ontwikkelingen gesignaleerd in de behandeling van transseksuelen en zal de klacht over de schending van artikel 8 dan ook bekijken in het licht van de huidige opvattingen.

Het Hof behandelt verschillende argumenten van beide partijen, deze zijn onder andere gebaseerd op medische en technologische ontwikkeling, de gevolgen die haar transseksualiteit hebben op de eiser en het al dan niet bestaan van consensus ten aanzien van erkenning van transseksuelen in Europa. Ten aanzien van dit laatste punt overweegt het Hof dat minder waarde toekomt aan het bestaan van een consensus tussen de verdragspartijen ten aanzien van het oplossen van juridische en praktische problemen. Het hecht echter grote waarde aan de duidelijk aanwezige internationale trend die niet alleen een toenemende sociale acceptatie van transseksuelen inhoudt maar ook juridische erkenning van de nieuwe seksuele identiteit van de post-operatieve transseksuelen.

Het Hof heeft geen bewijs gezien dat substantiële moeilijkheden of nadelen toe zullen komen aan het openbaar belang wanneer de status van transseksuelen verandert. Het Hof stelt dat van de maatschappij redelijkerwijs verwacht mag worden dat zij enig ongemak aanvaardt zodat individuen de mogelijkheid krijgen om waardig te leven overeenkomstig de door hen gekozen seksuele identiteit, waar zij veel voor op (hebben) moeten geven.

Het Hof concludeert dat het Verenigd Koninkrijk niet langer kan stellen dat deze situatie binnen de margin of appreciation valt. Aangezien er geen significante factoren zijn van publiek belang die opwegen tegen de belangen van de eiser in het verkrijgen van juridische erkenning van haar geslachtsverandering, concludeert het Hof dat de fair balance die inherent is aan het Verdrag in deze situatie uitvalt in het voordeel van de klager. Het Verenigd Koninkrijk heeft verzuimd haar recht op respect voor privéleven te waarborgen en heeft artikel 8 EVRM geschonden.

Rechtsregel

Juridische erkenning van transseksuelen en alles wat daarbij komt kijken in het aanpassen van de nationale administratie valt onder het recht op privé leven van artikel 8 EVRM

Relevante artikelen

Artikel 8 lid 1 EVRM:

Een ieder heeft recht op respect voor zijn privé leven, zijn familie- en gezinsleven, zijn woning en zijn correspondentie.

Andere relevante jurisprudentie

Hof Datum Vindplaats Naam Onderwerp
EHRM 06/05/2003 AB 2003, 211 Betuwelijn (Kleyn ea tegen ... Onpartijdigheid, dubbelrol ... +
HR 17/03/1953 NJ 1953, 389 APV Nuth Beperking grondrecht +
HR 10/11/1992 NJ 1993, 197 APV Den Bosch Beperking vrijheid van meni... +
HR 15/04/1994 NJ 1994, 608 Valkenhorst Beperking van het recht om ... +
EHRM 10/11/2005 44774/98 Leyla Sahin tegen Turkije Vrijheid van godsdienst +
HR 28/11/1950 NJ 1951, 117 APV Tilburg Beperking openbarings- en v... +
EHRM 28/09/1995 NJ 1995, 667 Procola Onpartijdigheid, Raad van S... +
HR 26/04/1996 NJ 1996, 728 Rasti Rostelli Privaatrechtelijk handelen ... +
EHRM 13/02/2002 EHRC 2003/28 Refah Partisi Vrijheid van vereniging, de... +
HR 30/03/1984 NJ 1985, 350 Turkse werkneemster (Suiker... Vrijheid van godsdienst, ho... +
KB 05/06/1986 Stb. 1986, 337 Vloekverbod Ermelo Grondrechten +
EHRM 26/04/1979 NJ 1980, 146 Sunday Times Beperking grondrechten +
ABRvS 28/08/1995 AB 1996, 204 Sluiting drugspand Grondrechten +
EHRM 21/06/1988 NJ 1991, 641 Ärzte für das Leben Vrijheid van vereniging, po... +
EHRM 26/02/2002 28525/95 Unabhangige Initiative Info... Vrijheid van meningsuiting +
EHRM 26/04/1979 NJ 1980, 146 Sunday Times t. UK Vrijheid van meningsuiting,... +
HR 12/12/2003 AB 2004, 93 Aidstest II Horizontale werking grondre... +
EHRM 28/10/1998 23452/94 Osman t. Verenigd Koninkrijk Positieve verplichtingen +
HR 30/05/1986 NJ 1986, 688 NS/FNV (Spoorwegstaking) Een ieder verbindende bepal... +
HR 13/03/1960 BNB 1960/222 AOW gewetensbezwaren Vrijheid van godsdienst, be... +
EHRM 07/12/1976 5493/72 Handyside t. Verenigd Konin... Vrijheid van meningsuiting +
HR 18/06/1993 NJ 1994, 347 Verplichte aidstest Horizontale werking grondre... +