ASR Verzekeringen / Achmea Schadeverzekeringen-arrest


Onderwerpen ‐ Verjaring
Artikelen ‐ art. 6:10 BW jo art. 3:310 lid 1 BW.

Feiten

Een paard brengt schade toe aan een verzorger. Dat paard was in gezamenlijk eigendom van een man en een vrouw. De gewonde verzorger spreekt de man aan voor vergoeding van de schade. De man wordt door de rechtbank aansprakelijk gesteld voor de schade en de schadeverzekering van de man (Achmea) betaalt uit. Achmea probeert vervolgens de vrouw als mede-eigenaar van het paard voor 50% aansprakelijk te stellen en regres te nemen op haar (Art. 6:10 BW). ASR, de verzekering van de vrouw in kwestie, stelt echter dat de vordering op basis van art. 3:310 lid 1 BW verjaard is aangezien zowel de man als Achmea al meer dan vijf jaren bekend waren met de schade en de verantwoordelijke persoon. Vraag is nu of het inderdaad verjaard is en wanneer de verjaringstermijn begint te lopen.

Rechtsvraag

Wanneer verjaart een hoofdelijke regresvordering?

Overweging

De verjaring begint volgens de Hoge Raad pas op het moment dat de hoofdelijk verbonden schuldenaar de schuld betaald voor meer dan dat hij of zij eigenlijk schuldig is. Dus in dit geval meer dan 50%, wanneer Achmea de complete schuld voldoet. Op dat moment is de regresvordering opeisbaar en begint de verjaringstermijn te lopen. Dit geldt ook indien voor deze datum de schade en de schadeveroorzakende persoon al bekend waren. In dit geval is er dan ook geen sprake van verjaring.

Rechtsregel

De verjaring van een regresvordering begint te lopen op het moment dat deze opeisbaar is.

Relevante artikelen

Art. 3:310 lid 1 BW jo art. 6:10 BW.

Andere relevante jurisprudentie