Muller/Hoogheemraadschap-arrest


Onderwerpen ‐ Uitstellen van levering, eigendom, houderschap
Artikelen ‐ artt. 3:107, 3:108, 3:111, 3:112, 3:113, 3:114 BW

De feiten

In deze zaak heeft (de rechtsvoorgangster van) het Hoogheemraadschap, verweerster in cassatie, in 1972 een stuk grond en water gekocht voor het uitvoeren van het plan tot verbetering van de waterbeheersing. Krachtens de koopovereenkomst is het gekochte direct na het aangaan van de overeenkomst in gebruik genomen voor de uitvoering van het plan. De levering van het gekochte perceel heeft nimmer plaatsgevonden. Het perceel is in 1998 door de verkoper (opnieuw) verkocht en in 2002 doorverkocht aan (de rechtsvoorganger van de inmiddels gefailleerde) eiseres tot cassatie aan wie het perceel vervolgens in 2004 is geleverd. Zij stelt eigenaar te zijn van het bewuste perceel, nu het Hoogheemraadschap of haar rechtsvoorganger, die nooit eigenaar van het perceel zijn geworden, dit nooit krachtens een vermeend eigen recht (bezit) hebben gehouden maar het slechts met toestemming van de eigenaar en dus als houder hebben gebruikt. Het Hoogheemraadschap stelt daarentegen door extinctieve verjaring eigenaar te zijn geworden.

Rechtsvraag

Leidt het uitstellen van levering van een onroerende zaak tot uitstel van eigendomsovergang?

Overweging

3.4.2

‘’Het onderdeel faalt reeds omdat het uitgaat van een opvatting die in haar algemeenheid niet kan worden aanvaard. Het miskent immers dat zich gevallen kunnen voordoen dat de koper krachtens de rechtsverhouding met de verkoper jegens deze gerechtigd is, vooruitlopend op de levering van het verkochte, zich over het verkochte daarover de feitelijke macht te verschaffen en deze op een zodanige wijze uit te oefenen dat naar de in het verkeer geldende opvattingen de koper moet worden beschouwd als bezitter van het verkochte. Het oordeel van het hof moet tegen deze achtergrond worden begrepen. Het komt erop neer dat onder de gegeven omstandigheden sprake was van verkrijging van het bezit van het verkochte perceel door de Zuidplaspolder door inbezitneming. Daartoe baseerde het hof zich op de omstandigheden dat de Zuidplaspolder zich in alle opzichten en ook naar buiten toe ging gedragen als rechthebbende op het perceel, zulks deed met instemming van de verkopers in afwachting van de levering en met het in de koopovereenkomst genoemde doel van de koop, te weten het uitvoeren van het plan tot verbetering van de waterbeheersing. Aldus heeft het hof niet blijk gegeven van een onjuiste rechtsopvatting’’.

Rechtsregel

Indien bij verkoop van een registergoed wordt afgesproken dat levering wordt uitgesteld en de koper het goed alvast voor de realisering van zijn plan in gebruik mag nemen, leidt dit niet noodzakelijkerwijs slechts tot houderschap voor de koper - zodat dit ingevolge artikel 3:111 BW in beginsel niet kan worden veranderd in bezit - maar kan onder omstandigheden sprake zijn van verkrijging van bezit door inbezitneming (artikel 3:113) - welk bezit, zelfs indien het te kwader trouw is, ingevolge de artikelen 3:105, lid 1 jo. 3:306 kan leiden tot eigendom.

Relevante artikelen

Art. 3:107 BW

Lid 1. Bezit is het houden van een goed voor zichzelf.

Lid 2. Bezit is onmiddellijk, wanneer iemand bezit zonder dat een ander het goed voor hem houdt.

Lid 3. Bezit is middellijk, wanneer iemand bezit door middel van een ander die het goed voor hem houdt.

Lid 4. Houderschap is op overeenkomstige wijze onmiddellijk of middellijk.

Art. 3:108 BW

Of iemand een goed houdt en of hij dit voor zichzelf of voor een ander doet, wordt naar verkeersopvatting beoordeeld, met inachtneming van de navolgende regels en overigens op grond van uiterlijke feiten.

Art. 3:111 BW

Wanneer men heeft aangevangen krachtens een rechtsverhouding voor een ander te houden, gaat men daarmede onder dezelfde titel voort, zolang niet blijkt dat hierin verandering is gebracht, hetzij ten gevolge van een handeling van hem voor wie men houdt, hetzij ten gevolge van een tegenspraak van diens recht.

Art. 3:112 BW

Bezit wordt verkregen door inbezitneming, door overdracht of door opvolging onder algemene titel.

Art. 3:113 BW

1. Men neemt een goed in bezit door zich daarover de feitelijke macht te verschaffen.

2. Wanneer een goed in het bezit van een ander is, zijn enkele op zichzelf staande machtsuitoefeningen voor een inbezitneming onvoldoende.

Art. 3:114 BW

Een bezitter draagt zijn bezit over door de verkrijger in staat te stellen die macht uit te oefenen, die hij zelf over het goed kon uitoefenen.

Andere relevante jurisprudentie

Hof Datum Vindplaats Naam Onderwerp
HR 17/04/1970 NJ 1971, 89 Grensoverschrijdende garage... Misbruik van recht +
HR 01/05/1976 NJ 1976, 450 Modehuis Nolly middellijk vertegenwoordigi... +
HR 17/06/1994 NJ 1994, 671 Gielkens/Gielkens Bezit, houderschap, eigendo... +
HR 25/09/1981 NJ 1982, 315 Breda/Nijs Onrechtmatige daad, inbreuk... +
HR 24/03/1995 NJ 1996, 158 Hollander's Kuikenbroederij Zaaksvorming, vruchten +
HR 14/03/1904 W 8050 Lantaarnpaal Beperking eigendomsrecht +
HR 09/09/2011 NJ 2012, 312 Leune Bouw/Hoogheemraadsch.... Verkrijgende verjaring +
HR 14/10/1994 NJ 1995, 447 Spaarbank Rivierenland/Gispen Bezwaring vorderingen, spec... +
HR 18/09/1987 NJ 1988, 983 Berg/De Bary Volgorde beperkte rechten +
HR 14/07/2000 NJ 2001/685 Van de Mosselaar/Lagero Voltooiing levering door cu... +
HR 26/03/1982 NJ 1982, 615 SOS/ABN (Viskotter Leon) Cessie van een toekomstige ... +
HR 25/01/1929 NJ 1929, 616 Bierbrouwerij De fiduciaire overeenkomst +
HR 01/05/1987 NJ 1988, 852 LeasePlan Nederland/IBM Levering longa manu, bezits... +
HR 20/06/1997 NJ 1998, 362 Wagemakers q.q. / Rabobank ... Bepaalbaarheid van een stil... +
HR 09/09/2011 RvdW 2011/1065 Muller q.q. / Hoogheemraads... Eigendomsverkrijging door b... +
HR 05/02/2010 NJ 2010, 294 Rodewijk/Bouwman Goede trouw bij bezit van e... +
HR 23/09/1994 NJ 1996, 461 Kas Associatie/Drying Art. 3:110 BW +
HR 09/09/2011 RvdW 2011,1065 Zuidplaspolder Verkrijgende verjaring, inb... +
HR 20/09/2002 NJ 2004, 171 Van der Wal/Duinstra Houderschap, goede trouw, r... +