Muilkorfgebod Sharky-arrest


Onderwerpen ‐ Bijzondere rechtsnormen APV
Artikelen ‐ n.v.t.

De feiten

In casu heeft de Argentijnse dog ‘Sharky’ op 25 september 1999 een Bearded Collie zodanig gebeten dat de dierenarts deze collie, gelet op zijn verwondingen, moest laten inslapen. Bij dit bijtincident is tevens de eigenaresse van de Bearded Collie gewond geraakt.

De eigenaar van de Argentijnse dog ‘Sharky’ kreeg van het college van burgemeester en wethouders van Brunssum een aanlijn- en muilkorfgebod opgelegd bij besluit van 8 november 1999 naar aanleiding van een bijtincident met ernstige gevolgen.

Algemene Plaatselijke Verordeningen (APV’s) voorzien in de bevoegdheid van het College van burgemeesters en wethouders om een kort aanlijngebod op te leggen m.b.t. gevaarlijke of hinderlijke onden, dat in nog gevaarlijker situaties kan worden gecombineerd met een muilkorfgebod.

Rechtsvraag

Is het besluit van het College van B&W in strijd met de APV?

Overweging

Sector bestuursrecht Rechtbank Maastricht
De president van de sector bestuursrecht van de rechtbank Maastricht komt tot de conclusie dat er voor het opgelegde muilkorfgebod geen aanleiding bestaat en dat - gelet op de hem bekende feiten over het gevaar van de hond – met een kort aanlijngebod kan worden volstaan. Met het oog daarop vernietigt hij het betreffende besluit wegens strijd met de APV.

College van B&W
Het College is het niet eens met het oordeel van de president en stelt bovendien dat het oordeel over het gevaar dat uitgaat van de hond aan het bestuur moet worden overgelaten: de president zou met zijn oordeel te veel op de stoel van het bestuur zijn gaan zitten.

ABRvS
In hoger beroep geeft de ABRvS het college gelijk: overwegingen 2.1 t/m 2.4
2.3 De president heeft overwogen dat het muilkorfgebod in casu onevenredig moet worden geacht. Daarbij heeft de president onder meer in aanmerking genomen dat het een weliswaar ernstig, maar eenmalig bijtincident betreft en het niet aannemelijk is dat dit incident zou hebben plaatsgevonden indien Sharky aangelijnd was geweest.

2.4 De voorzitter volgt de president hierin niet. De door de president genoemde omstandigheden doen immers niet af aan het feit dat appellanten een ruime mate van beoordelingsvrijheid hebben bij het bepalen van de maatregel die in het concrete geval moet worden getroffen.
Gelet op de ernst van het bijtincident met dodelijke afloop, de kracht van Sharky en de omstandigheid dat een enkel kort-aanlijngebod in verband daarmee geen garantie tegen een volgend incident biedt, is er geen aanleiding om te oordelen dat appellanten in dit geval de grenzen van die beoordelingsvrijheid hebben overschreden. De president had het inleidende beroep (van de eigenaar van Sharky) om die reden ongegrond moeten verklaren.

Rechtsregel

Bij het opleggen van dergelijke geboden moeten de betreffende colleges zich wel houden aan de bijzondere rechtsnormen als opgenomen in de betreffende APV. Of dat gebeurt, kan ook ter toetsing aan de bestuursrechter worden voorgelegd. Die kan een besluit inhoudende een dergelijk gebod vernietigen als hij van mening is dat in strijd is gehandeld met de APV-regeling of met andere rechtsnormen. Het College van B&W heeft een ruime mate van beoordelingsvrijheid in casu.

Andere relevante jurisprudentie