Deka-Hanno/Citronas: Khaly-Freezer-arrest


Onderwerpen ‐ Algemene voorwaarden, derdenwerking
Artikelen ‐ n.v.t.

De feiten

In augustus 1979 waren Citronas eigenaren en ontvangers van een partij van in totaal 80 000 kisten sinaasappelen die op of omstreeks 23 aug. 1979 met de. ‘Khaly-Freezer’ te Rotterdam zijn aangekomen en die Heinrich Hanno BV als cargadoor heeft doen opslaan in de loodsen van Deka-Hanno aan de Maashaven te Rotterdam in een niet gekoelde cel. Van de inmiddels ten dele aan derden doorverkochte partij moesten de verkochte sinaasappelen van 27 aug. 1979 af uit de loods worden weggevoerd, ter veiling of naar de koper. In deze periode heerste arbeidsonrust in de haven van Rotterdam, welke op 27 aug. 1979 uitmondde in een staking van havenarbeiders. Hierdoor werden alle betrokken loodsen en terreinen door de actievoerders afgezet. Als gevolg daarvan konden Citronas de sinaasappelen niet doen wegvoeren.

In de nacht van 7 op 8 sept. 1979 is bij de stuwadoor Seaport onder politiebescherming tot succesvolle afvoering van de aldaar opgeslagen zuidvruchten overgegaan nadat Seaport daartoe medewerking had verleend.De staking is op 24 sept. 1979 geeindigd. De sinaasappelen zijn toen weggevoerd en verkocht, waarbij schade is gebleken.
Citronas hebben Deka-Hanno tot schadevergoeding aangesproken. Aan hun vordering hebben zij ten grondslag gelegd ‘een onrechtmatig, immers onzorgvuldig en opzettelijk, althans aan grove schuld te wijten, handelen van Deka-Hanno’, hierin bestaande dat Deka-Hanno de door Citronas gevraagde toestemming tot het betreden van de terreinen en loodsen van Deka-Hanno teneinde met politiebescherming de sinaasappelen te doen wegvoeren, in strijd met haar verplichting daartoe en wetend dat de sinaasappelen aan bederf onderhevig waren en dat daaraan dus schade zou ontstaan, heeft geweigerd. Deka-Hanno heeft zich tegenover Citronas beroepen op een aantal bepalingen van de Algemene Voorwaarden van de Vereniging van Rotterdamse Stuwadoors (de RSC), die ondermeer bepalen dat vorderingen tegen de stuwadoor vervalen door enkel tijdversloop van zes en dat aansprakelijkheid van de stuwadoor is uitgesloten behoudens ingeval van opzet of grove schuld.

Rechtsvraag

Kan Deka-Hanno de Algemene Voorwaarden van de Verening van Rotterdamse Stuwadoor Citronas tegenwerpen?

Overweging

Het Hof is van oordeel dat de RSC voorwaarden Citrons niet kunnen worden tegengeworpen. in het onderhavige geval is ook niet gebleken ‘van omstandigheden die een uitzondering rechtvaardigen op het beginsel van art. 1376 BW en die met zich mede brengen, dat (Citronas c.s.) de RSC in redelijkheid tegen zich moeten laten gelden’.

De Hoge Raad verwerpt het door Deka-Hanno ingestelde cassatieberoep. Contractuele bedingen zijn alleen van kracht tussen handelende partijen. In bepaalde gevallen kan wel een uitzondering op dit beginsel worden aanvaard in dier voege dat een derde een contractueel beding in redelijkheid tegen zich moet laten gelden, maar daartoe zal dan een voldoende rechtvaardiging moeten kunnen gevonden worden in de aard van het betreffende geval. Daarbij moet onder meer worden gedacht aan het op gedragingen van de derde terug te voeren vertrouwen van degene die zich op het beding beroept dat hij dit beding zal kunnen inroepen ter zake van hem door zijn wederpartij toevertrouwde goederen envoorts aan de aard van de overeenkomst en van het betreffende beding in verband met de bijzondere relatie waarin de derde staat tot degene die zich op het beding beroept. Bij beantwoording van de vraag waar de grens ligt zal voorts mede rekening moeten worden gehouden met het stelsel van de wet, in het bijzonder indien de wet aan bepaalde daarin geregelde overeenkomsten binnen zekere grenzen werking jegens derden toekent en het betreffende geval in dit stelsel moet worden ingepast.

De enkele omstandigheid dat een bedrijfsmatig handelende gebruiker van algemene voorwaarden in die voorwaarden een beding van een bepaalde inhoud heeft opgenomen, brengt nog niet mee dat zulk een beding redelijkerwijs heeft te gelden tegenover derden, ook niet als de derde eveneens bedrijfsmatig handelt en het in de kring waartoe de gebruiker en de derde behoren algemeen bekend is dat dergelijke bedingen plegen te worden gemaakt. In de tweede plaats heeft het hof juist geoordeeld dat niet zonder meer kan worden aangenomen dat Citronas c.s. de cargadoor, of de zeevervoerder via hem, de vrije hand hebben gelaten met Deka-Hanno overeenkomsten aan te gaan waarvan de RSC deel uitmaakten.

Rechtsregel

Contractuele bedingen zijn alleen van kracht tussen handelende partijen. In bepaalde gevallen kan wel een uitzondering op dit beginsel worden aanvaard in dier voege dat een derde een contractueel beding in redelijkheid tegen zich moet laten gelden, maar daartoe zal dan een voldoende rechtvaardiging moeten kunnen gevonden worden in de aard van het betreffende geval. Daarbij moet onder meer worden gedacht aan het op gedragingen van de derde terug te voeren vertrouwen van degene die zich op het beding beroept dat hij dit beding zal kunnen inroepen ter zake van hem door zijn wederpartij toevertrouwde goederen envoorts aan de aard van de overeenkomst en van het betreffende beding in verband met de bijzondere relatie waarin de derde staat tot degene die zich op het beding beroept. Bij beantwoording van de vraag waar de grens ligt zal voorts mede rekening moeten worden gehouden met het stelsel van de wet, in het bijzonder indien de wet aan bepaalde daarin geregelde overeenkomsten binnen zekere grenzen werking jegens derden toekent en het betreffende geval in dit stelsel moet worden ingepast.

Andere relevante jurisprudentie