Windmill-arrest


Onderwerpen ‐ Privaatrechtelijke belangenbehartiging door de overheid
Artikelen ‐ n.v.t.

De feiten

Het bedrijf Windmill heeft een vergunning om elk jaar een hoeveelheid afvalstoffen in de Nieuwe Waterweg te lozen. De staat, eigenaar van de Nieuwe Waterweg, zag in de Wet verontreiniging oppervlaktewateren de mogelijkheid om lozingen alleen nog toe te staan indien de lozer, tegen betaling van een jaarlijks bedrag, een privaatrechtelijke vergunning heeft. De staat vordert derhalve dat Windmill stopt met lozen totdat hij een privaatrechtelijke vergunning heeft gekregen.

Rechtsvraag

Mag de staat indien zij publiekrechtelijk bevoegd is om bepaalde belangen te behartigen, deze belangen ook behartigen door gebruik te maken van haar privaatrechtelijke bevoegdheden?

Overweging

De rechtbank en het hof wezen de vordering beide af. De HR overwoog dat voor de beantwoording van de rechtsvraag, gekeken dient te worden of:
1. De publiekrechtelijke regeling in de mogelijkheid -in casu de mogelijkheid om een vergoeding te vragen- voorziet.
2. Gebruik van de privaatrechtelijke bevoegdheden de publiekrechtelijke regeling op onaanvaardbare wijze zou doorkruisen. Dit wordt beoordeeld aan de hand van:
• de inhoud en strekking van de publiekrechtelijk regeling
• de wijze waarop en de mate waarin de burgers door de publiekrechtelijke regeling worden beschermd
• of de overheid met de publiekrechtelijke regeling hetzelfde resultaat kan bereiken

Indien men aan de hand van deze punten tot de conclusie komt dat gebruik van de privaatrechtelijke bevoegdheden de publiekrechtelijke regeling op onaanvaardbare wijze zou doorkruisen, mogen de privaatrechtelijke bevoegdheden niet worden gebruikt.

Na deze overweging kwam de HR tot de conclusie dat de staat in casu geen gebruik van haar privaatrechtelijke bevoegdheden mag maken, omdat de publiekrechtelijke regeling in de mogelijkheid, om een vergoeding te vragen, voorziet. Gebruik van de privaatrechtelijke bevoegdheden zou derhalve de publiekrechtelijke regeling op onaanvaardbare wijze doorkruisen.

Rechtsregel

De vraag of de overheid, indien zij publiekrechtelijk bevoegd is om bepaalde belangen te behartigen, deze belangen ook mag behartigen door gebruik te maken van haar privaatrechtelijke bevoegdheden dient te worden beantwoord aan de hand van de twee punten die de HR heeft geformuleerd. 1. Voorziet de publiekrechtelijke regeling in de mogelijkheid? 2. Zou gebruik van de privaatrechtelijke bevoegdheden de publiekrechtelijke regeling op onaanvaardbare wijze doorkruisen?

Andere relevante jurisprudentie