Hoornse taart-arrest


Onderwerpen ‐ Voorwaardelijk opzet, aanvaarden aanmerkelijke kans
Artikelen ‐ n.v.t.

De feiten

Een man uit Haarlem had met de bedoeling om een man uit Amsterdam om het leven te brengen in een taart een dodelijke hoeveelheid arseen gestopt en deze taart naar de man opgestuurd. De taart werd echter niet door de man, maar door zijn vrouw en het dienstmeisje opgegeten. De vrouw overleed aan een arseenvergiftiging en het dienstmeisje raakte ernstig ziek. De man werd vervolgd voor moord, maar stelde dat het oogmerk om de vrouw te doden ontbrak.

Rechtsvraag

Kan de verdachte in casu voor moord veroordeeld worden, of ontbreekt opzet?

Overweging

Het hof stelde dat de man wist dat degene die van de taart zou eten zou komen te overlijden, en veroordeelde de man derhalve voor moord en poging tot moord. De Hoge Raad sloot zich hier bij aan en stelde dat de man het oogmerk had om de andere man om het leven te brengen en dat hij wist dat degene die van de taart zou eten zou komen te overlijden. Het plan om de man te vermoorden omvatte dus tevens de kans dat andere personen zouden komen te overlijden wegens het eten van de taart. De verdachte heeft deze kans aanvaard en derhalve was er in casu sprake van voorwaardelijk opzet.

Rechtsregel

Indien iemand bij de uitvoering van zijn misdrijf niet het oogmerk heeft om andere personen te raken, maar deze kans wel aanvaard, is er sprake van voorwaardelijk opzet en kan er derhalve toch aan het bestanddeel opzet worden voldaan.

Andere relevante jurisprudentie