Bloemenmarkt Amsterdam-arrest


Onderwerpen ‐ Belanghebbende begrip en besluit in zin van Awb
Artikelen ‐ Artikel 1:2 Awb, artikel 1:3 Awb

De feiten

Bij besluit van 3 november 1993 heeft de raad van de gemeente Amsterdam besloten de Boom- en Bloemmarkt aan het Singel te Amsterdam op te heffen door intrekking van het gestelde ten aanzien van de Bloemenmarkt onder 3 van de Verordening bepaling van de plaatsen der markten. Voorts heeft de raad burgemeester en wethouders van Amsterdam uitgenodigd over te gaan tot het intrekken van het bepaalde ten aanzien van de Bloemenmarkt onder A, sub 3 en onder C, sub 1 van de Bepaling van de grenzen waarbinnen en de dagen en uren waarop de markten worden gehouden. Ten slotte heeft de raad bepaald dat beide intrekkingen zullen ingaan op een nader door burgemeester en wethouders te bepalen datum.

Rechtsvraag

Kunnen rechtsopvolgers onder algemene titel worden aangemerkt als belanghebbenden in de zin van art. 1:2 Awb?
Intrekking van besluiten zijn besluiten van algemene strekking, niet zijnde avv?

Overweging

Anders dan de rechtbank is de Afdeling van oordeel dat rechtsopvolgers onder algemene titel aangemerkt kunnen worden als belanghebbende in de zin van artikel 1:2 van de Algemene wet bestuursrecht. Hiertoe overweegt de Afdeling dat zij als rechtsopvolgster onder algemene titel aanspraak had op de beoordeling van de rechtmatigheid van de bestreden beslissingen op bezwaar en derhalve op het voortzetten van de procedure, nu D in zijn bezwaarschrift stelt schade te hebben geleden in verband met de opheffing van de markt en het vervallen van het sollicitantennummer. Ook de erven van A zijn om deze reden te beschouwen als belanghebbend en zijn derhalve ontvankelijk in hun hoger beroep. Dit beroep is gegrond.

De Afdeling stelt allereerst vast dat zowel het besluit van 27 januari 1995 als het besluit van 3 november 1993, strekkende tot intrekking van het gestelde ten aanzien van de Bloemenmarkt onder 3 van de Verordening bepaling van de plaatsen der markten, zijn aan te merken als besluiten van algemene strekking, niet zijnde algemeen verbindende voorschriften. De aanwijzing van de plaats van de Bloemenmarkt en de aanwijzing van de grenzen waarbinnen en de dagen en uren waarop de Bloemenmarkt wordt gehouden, strekken tot het bepalen van de werkingssfeer van reeds bestaande algemeen verbindende normen, neergelegd in de Verordening op de Straathandel en bevatten geen zelfstandige normstelling. De intrekkingen van deze besluiten zijn eveneens als besluiten van algemene strekking niet zijnde algemeen verbindende voorschriften te beschouwen.

Ten slotte neemt de Afdeling in overweging dat de raad wel aandacht heeft besteed aan de belangen van de personen op de sollicitantenlijst. De raad heeft zich echter terecht op het standpunt kunnen stellen dat deze belangen een weinig concreet en onzeker karakter hebben, waaraan geen doorslaggevende betekenis toekomt. Deze belangen betreffen mogelijke. toekomstige inkomsten in het geval er een plaats op de markt vrij zou komen. Er is geen sprake van concrete verliezen of investeringen, doch enkel van de teloorgang van (onzekere) verwachtingen. Onder deze omstandigheden is er geen grond voor nadeelcompensatie.

Rechtsregel

- Rechtsopvolgers onder algemene titel zijn belanghebbenden in de zin van art. 1:2 Awb;
- vervallen verklaren sollicitantennummers (markt) geen besluit in de zin van art. 1:3 Awb;
- aanwijzing locatie en dagen en uren markt besluit van algemene strekking niet zijnde algemeen verbindend voorschrift;
- mogelijke, toekomstige inkomsten geen reden voor nadeelcompensatie.

Relevante artikelen

Artikel 1:2 Awb
1. Onder belanghebbende wordt verstaan: degene wiens belang rechtstreeks bij een besluit is betrokken.
2. Ten aanzien van bestuursorganen worden de hun toevertrouwde belangen als hun belangen beschouwd.
3. Ten aanzien van rechtspersonen worden als hun belangen mede beschouwd de algemene en collectieve belangen die zij krachtens hun doelstellingen en blijkens hun feitelijke werkzaamheden in het bijzonder behartigen

Artikel 1:3 Awb
1. Onder besluit wordt verstaan: een schriftelijke beslissing van een bestuursorgaan, inhoudende een publiekrechtelijke rechtshandeling.
2. Onder beschikking wordt verstaan: een besluit dat niet van algemene strekking is, met inbegrip van de afwijzing van een aanvraag daarvan.
3. Onder aanvraag wordt verstaan: een verzoek van een belanghebbende, een besluit te nemen.
4. Onder beleidsregel wordt verstaan: een bij besluit vastgestelde algemene regel, niet zijnde een algemeen verbindend voorschrift, omtrent de afweging van belangen, de vaststelling van feiten of de uitleg van wettelijke voorschriften bij het gebruik van een bevoegdheid van een bestuursorgaan.

Andere relevante jurisprudentie